Bij toeslagen spreken we niet van een partner, maar van een 'toeslagpartner'. Uw toeslagpartner is degene met wie u een toeslag aanvraagt. U kunt maar 1 toeslagpartner hebben. Wie dat is, kunt u bepalen met het hulpmiddel Wie is mijn toeslagpartner?
Als u een echtgenoot hebt of een geregistreerde partner, is dat uw toeslagpartner. Hebt u die niet, dan kan iemand anders die ook op hetzelfde adres is ingeschreven, uw toeslagpartner zijn. U moet dan wel aan 1 van de volgende voorwaarden voldoen:
Let op!
De voorwaarden in deze lijst staan op volgorde van belangrijkheid. Dus woont u bijvoorbeeld met 2 mensen in 1 huis en hebt u met de 1 een kind en met de ander een koopwoning? Dan is degene met wie u een kind hebt, uw toeslagpartner.
Soms voldoet u niet aan 1 van deze voorwaarden, maar hebt u toch een toeslagpartner. Dit is het geval als u samenwoont met bijvoorbeeld een broer, zus, vriend of vriendin. Die persoon is dan uw toeslagpartner als u in het jaar waarvoor u toeslag aanvraagt voldoet aan de volgende voorwaarden:
Let op!
Uw kinderen, kleinkinderen, ouders en grootouders kunnen geen toeslagpartner van u zijn. Als u met uw broer of zus bij uw ouders woont, kan uw broer of zus geen toeslagpartner van u zijn.
Bijdrage van de overheid voor de huur van uw woning
Bijdrage van de overheid voor de kosten van uw zorgverzekering
Bijdrage van de overheid voor de kosten voor uw kinderen
Bijdrage van de overheid voor de kosten van kinderopvang
